Columns

Sinds 2018 schrijf ik maandelijks een column voor Meander, literair E-magazine voor Nederlandstalige poëzie.

In maart 2025 deed ik in mijn column verslag van een verblijf op Texel. Het slot van de column: '
Wij dwalen door en het lijkt erop dat de oneindigheid ons gaat vinden, maar dan is er koffie bij De Kombuis waar vrouwen met verweerde gezichten bereid zijn een broodje kaas te serveren ook al staat het niet op de kaart. Op tafel ligt een Texelse Courant en daarin een verslag van de poëziedag op de middelbare school van het eiland. Caroline Engelmann schreef: De wereld ligt voor je open / en de horizon straalt.'

Uit De wereld heeft genoeg van ons, mijn column van juni 2025:
'In een recent nummer van Wordt Vervolgd, het magazine van Amnesty International, komt een inwoner van Gaza aan het woord, die bij een Israëlische aanval zijn vrouw en drie kinderen heeft verloren. ‘Ik wil geen medelijden,’ zegt de man. ‘Ik wil gewoon mijn kinderen terug.’ Wie zou deze man de troost van poëzie durven aanbieden?'


Uit De held van Wipperdingen, mijn column van september 2025:  'Waar mijn vaders ‘Ik, de held van Wipperdingen’ vandaan kwam, kan ik niet met zekerheid achterhalen. Via de Delpher-site met oude kranten vind ik in Het Volk uit 1926 een recensie van een toneelvoorstelling in het Amsterdamse Paleis voor Volksvlijt met wel duizend kinderen als publiek. In het stuk schepte een generaal Bombardon enorm op ‘over zijn heldendaden bij Wipperdingen.’ Wie weet was mijn vader als elfjarige één van de kinderen in het Paleis voor Volksvlijt en hoorde hij daar deze tekst die hij dikwijls zou herhalen:

Potduizend bommen en granaten/ Wie van rust en vrede praten/ Weg ermee, weg ermee/ Ik – de held van Wipperdingen/ Ik zal dansen, ik zal zingen/ ter ere van het jonge paar/ al valt het mij ook zwaar.'